Voor zorgverleners

Privacystatement

Per 17 juli geen standaard nitriet meer bij diagnostiek albuminurie

Wanneer sprake is van een albuminurie dienen niet-nefrogene oorzaken in ogenschouw te worden genomen. Om een urineweginfectie bij een albuminurie uit te kunnen sluiten werd hiertoe tot op heden geautomatiseerd een nitrietbepaling toegevoegd. Aansluitend op de inhoud van de nog te publiceren NHG-standaard Chronische Nierschade zal SHO deze werkwijze per 17 juli stoppen. De belangrijkste redenen om geen standaard nitriet meer te bepalen bij onderzoek albuminurie zijn: het is kostenverhogend voor de patiënt en het is slechts bij een beperkt deel van de patiënten doelmatig.

Hoe vraag je aanvullend onderzoek voor urineweginfectie aan?
Bij patiënten waarbij sprake is van een albuminurie dient de praktijk op indicatie (bij klachten passend bij urineweginfectie) aanvullend onderzoek te doen naar urineweginfectie. Dit vindt dan plaats op een nieuw urinemonster, op de praktijk (door middel van een urinescreening of dipslide) of via SHO (urinescreening/-sediment en/of kweek).
Bij patiënten die zich voor het eerst presenteren met albuminurie dient de praktijk diagnostiek albuminurie binnen één week te herhalen ter uitsluiting van acute nierschade. Op dit tweede monster kan desgewenst ook nog diagnostiek op urineweginfectie door SHO plaatsvinden, mits initieel aangevraagd.